Neus: De neus is zeer aangenaam met mooie tonen van gestoofd fruit (denk aan abrikozen en perzik maar ook wat appels en een vleugje banaan), aangevuld met een goede kruidigheid. Een vleugje gevormd hout, die ik vaak tegenkom in de (moderne) Jura. Iets van versgebakken taart.
Smaak: De smaak is aan de lichte kant en in de mond is hij meteen heel pittig. Nogal wat houtkruiden. De chinkapin heeft zijn sporen nagelaten. En onderdrukt op deze manier de vrucht helaas ook behoorlijk. De perzik en abrikoos is nauwelijks te ontdekken. In plaats daarvan krijg ik wat sinaasappelschillen en vanille. Walnoten strooien wat meer bitterheid rond.
Afdronk: De afdronk is relatief lang met walnoten en kruidnagel.